Wat is er van de chloor?

Artikels in de krant, reportages op televisie … verontruste ouders … Enkele weken geleden kwam het onderzoek i.v.m. chloor in indoorzwembaden van A. Bernard, toxicoloog aan de universiteit van Louvain la Neuve weer in de pers. Vijf jaar geleden werd het al in de media voorgesteld. Ook in 2001 hebben zowel de Vereniging voor Vlaamse huisartsen als de Vlaamse overheid geruststellend gereageerd. (zie onderstaand artikel )


Allereerst: wij zijn blij dat er een onderzoek gebeurt naar de relatie tussen de gezondheid van onze kinderen en het gebruik van chloor. Ook Kdanse vzw heeft in 2005 en ook nu het bericht niet gebagatelliseerd. Ons is er alles aan gelegen dat kinderen niet ziek worden. De hygiëne van het zwemwater is belangrijk en kan tot nu toe nog slechts onder controle gehouden worden door chemische producten zoals chloor. Ook wij zouden liefst in een zwembad les willen geven zonder chloor. Maar dat is technisch gezien nog niet haalbaar. Er zijn in België enkele proefprojecten lopende om zonder chloor te werken, maar de resultaten daarvan zijn nog onvoldoende bekend. We hebben altijd gezegd dat chloor het enige nadeel is van de watergewenning. Het opbouwen van zelfredzaamheid in water is echter op dit ogenblik niet anders mogelijk dan in baden die microbiologisch in orde worden gehouden door chemische producten. Maar we zijn ervan overtuigd dat de enorme voordelen die de watergewenning heeft en die u als ouders ook aan den lijve ervaart, ruim opwegen tegen het nadeel van de chloor.

Op de typische ongenuanceerde media-manier wordt helaas een zinvolle en in allerlei opzichten deugddoende activiteit voor jonge kinderen en hun ouders naar het hoekje van de angstpsychose geduwd. De lezer of luisteraar onthoudt immers vooral de onrustwekkende krantenkoppen. Het gebrek aan duidelijkheid doet tevens afbreuk aan de grote inspanningen die labo’s, zwembadeigenaars, redders en lesgevers in Vlaanderen elke dag doen om het jonge kinderen mogelijk te maken veilig te leren zwemmen.

Een behoorlijke relativering van de berichten is hier op zijn plaats. En tegelijk bevestigt het artikel ook de specifieke keuzes die Kdanse vzw al jaren maken en de raadgevingen die we aan ouders meegeven.

  1. Zeer belangrijk: het onderzoek gaat niet over Vlaamse zwembaden die aan de zeer strenge Vlarem II- wetgeving onderworpen zijn, maar over Brusselse en Waalse zwembaden ! Deze laatste vallen onder een andere regelgeving !  Het zwembad van Centrum Verbesselt te Londerzeel waar wij werken kan qua chloorverbruik sowieso niet vergeleken worden met openbare zwembaden en al helemaal niet met de Brusselse en Waalse.
  1. Net zoals bij Centrum Verbesselt zijn de meeste andere Vlaamse zwembaden tegenwoordig computergestuurd. Stapt er een groepje jonge bezwete kerels die van de voetbaltraining komen in het water, dan schiet het chloorgehalte pijlsnel omhoog. Maar gaan ouders eerst grondig douchen, dan hoeft er geen extra chloor te worden toegevoegd. De computer registreert dit onmiddellijk.                       Het probleem dat A. Bernard schetst heeft te maken met de stof trichloramine. Deze vluchtige, toxische verbinding ontstaat door de reactie van chloor in het water met organische stoffen zoals zweet, urine, huidschilfers en speeksel.       Om die reden vragen wij al jaren aan ouders om zich behoorlijk te douchen voor ze in het water stappen en ook na een bezoek aan het toilet.  Daarom vraagt Centrum Verbesselt ook om niet met zeep of shampoo te douchen. Overblijfsels van zeep op de huid of spetters shampoo in het water versnelt de vorming van trichloramine. Wanneer je in het zwembad bent, neemt jouw lichaam via de huid ook een beetje water en dus chloor op. Daarom raden we aan om ook te douchen na het zwemmen zodat je de resterende chloor er af spoelt.
  1. Uit het artikel in De Morgen blijkt dat kindjes onderzocht werden die in vervuilde (!) kinderbadjes les gevolgd hadden. Zet bovenstaande gegevens even op een rijtje en dan weet je dat dit niet mogelijk is in Vlaamse zwembaden en al helemaal niet bij Centrum Verbesselt.
  1. Chloor bindt zich met het water. Gebonden chloor is het product van chloor wat in verbinding is gegaan met verontreinigingen in het zwemwater er ontstaan dan mono-, di- en trichloor amines die de beruchte klachten in overdekte zwembaden veroorzaken. Vrij chloor is het chloor wat de verbinding met de verontreinigingen nog niet is aangegaan. Wordt er uitbundig gezwommen en golven gemaakt, dan komt de chloor vrij aan de lucht.. De zwembadhal gaat ook ruiken naar chloor. Deze chloor wordt mee ingeademd. Bewegen kleine baby’s en hun ouders rustig in het water, dan komt er uiteraard veel minder chloor vrij. Een regelmatige en afdoende verversing van lucht en water is wel voortdurend noodzakelijk. Dit is ook de reden waarom wij afraden om met kleine kindjes in de jacuzzi van openbare zwembaden of grote speelcentra te gaan. Het water wordt door de bubbels constant omgewoeld waardoor er veel chloor vrij komt. Daarbij zijn de jacuzzi vaak opgewarmd tot 36° à 37° wat een erg hoge dosering van chloor vereist, vooral als deze baden constant door verschillende mensen worden gebruikt.
  1. Dat de druk van het water juist positief werkt op het ontwikkelen van de longen is een gegeven dat in de ‘water’wereld bekend is. De bewegingsvrijheid maakt verder dat kindjes actief kunnen zijn en dus ook de ademhaling kunnen ontwikkelen. In de literatuur zijn er een aantal getuigenissen te vinden van begeleiders die met astmapatiëntjes in het water gegaan zijn. De resultaten voor hun aandoening zou juist positief zijn !  Fred de Burgraeve zou astmapatiënt geweest zijn voor hij begon te zwemmen. Maar dat heb ik van horen zeggen. Wie hem kent mag het navragen …
  1. In sommige artikelen over A. Bernard wordt de invloed van temperatuur van zowel het water als de omgeving niet vermeld. Nochtans is voor kleine kinderen een verhoogde temperatuur van het water én van de omgeving met daaraan gekoppeld de juiste dosering van chemische producten zeer belangrijk. Kouder water verkrampt de spieren en verlaagt de lichaamstemperatuur en zo ook de weerstand tegen o.a. infecties. Belangrijk is ook dat de kindjes niet alleen in een warm plonsbadje kunnen staan (meestal met een nat bovenlijfje ) maar tot aan de schoudertjes in het warme water kunnen verblijven. In openbare baden is dit helaas vaak niet mogelijk. Conform het onderzoek van Bauermeister, de Duitse pionier van watergewenning werken wij in 34°. Eerlijkheidshalve moeten we hierbij vermelden dat deze hogere temperatuur ook een hogere chloordosering vereist. Daarom is het o.a. des te belangrijk dat algemene hygiëne perfect is. Hoe meer anorganische deeltjes er immers in het water komen, hoe meer chloor wordt toegevoegd.
  1. Onduidelijk is of de kinderen uit het onderzoek van A. Bernard deze aandoening al hadden of daar aanleg voor hebben. Methodologisch klopt er iets niet aan het onderzoek. Blijkbaar is er geen dubbel blind studie gedaan; de groep kinderen met een aandoening werd niet vergeleken met een soortgelijke groep die kinderen die nooit in aanraking met het zwembad kwamen. De Morgen schrijft: “Zwembaden met chloor zijn ongezond voor baby’s, peuters en kleuters met ademhalingsstoornissen.” Onduidelijk is ook of de luchtvervuiling in Brussel er iets mee te maken heeft. We weten al langer dat kinderen in de steden meer longaandoeningen hebben dan kinderen die buiten de stedelijke concentraties wonen. Om zo’n vernietigende conclusie (onherstelbare longschade etc. ) te trekken is 41 kinderen wel een erg kleine onderzoeksgroep. Methodologisch klopt het onderzoek niet. Uit de media kunnen we niet opmaken of er sprake is van de noodzakelijke dubbel blind studie;  er is niet gewerkt met een vergelijkbare groep die niet aan watergewenning gedaan heeft.  A. Bernard wordt o.a. daarenboven door de Antwerpse kinderlongspecialist Kristine Desager heftig tegen gesproken. Er zouden geen harde bewijzen zijn tussen chloor en het ontstaan van kinderastma. “Een causaal verband is er niet. Zwemmen blijft aan te raden in gezonde omstandigheden. Vergeet niet dat een kwart van de kinderen ademhalingsproblemen heeft. Dan is het niet zo verwonderlijk dat iets irritants als chloor hen last bezorgt.”, zegt zij.  Dr. Desager is uiteraard ook te vinden voor controle en het belang van goede ventilatie. Dr. Desager mag de honderden kinderen die de afgelopen zes jaar van ons aanbod gebruik gemaakt hebben voor mijn part grondig onderzoeken. Ik vermoed dat hij vooral tevreden ouders en blije kindjes zal aantreffen.
  1. Ondanks het feit dat er voor onze aanpak weinig gepaste zwembaden zijn (weinig eigenaars willen opwarmen tot 34°) hebben wij in het verleden er steeds resoluut voor gekozen om te werken in zwembaden waarvan we zeker weten dat de wetgeving strikt gevolgd wordt. Centrum Verbesselt heeft onlangs nog de extra investering van een UV-filter gedaan. Op deze manier komt er nog minder chloor in het water dan tevoren.

Nog enkele tips:  

Onze kindjes zitten per week een half uurtje in het zwembad. Dat is te verwaarlozen met de rest van de week waarin ze voortdurend aan schadelijke producten kunnen worden blootgesteld. Wilt u er werkelijk op letten dat uw kindje zo weinig mogelijk schadelijke stoffen inademt, gooi dan de zogenaamde luchtverfrissers voor het toilet buiten, poets met biologische producten, verf uw huis met producten op waterbasis, rook niet in de buurt van uw kind, ga op tijd wandelen in het bos en schrob de stoep niet met chloorwater maar met bruine zeep.  

 Ga je op vakantie let er dan op dat de temperatuur van het water voldoende warm is en je geen groene algen of zand opmerkt in de hoekjes van het zwembad. Dat zijn voor de leek de meest zichtbare tekenen dat de hygiëne niet voldoet. Maar neem je vb. aan de Costa Brave een lekkere douche in je hotelkamer dan is het chloorgehalte vaak hoger dan dat van ons zwembadje in Londerzeel !

Dus beste ouders,  slaap rustig op beide oren,  zet uw kindjes vooral niet in een glazen kastje en geniet van uw zondagse sessies watergewenning !

Hannah

juni 2009

met dank aan Frédéric Vanhoutte, arts

voor de feedback  

   53, le cheneau 5563 hour/houyet
louis segersstraat 99 2880 hingene/Bornem

tel.: 03 899.02.63 / GSM: 0497 46.65.11
Reknr.: 777-5921193-01


Chloor in zwembaden is veilig 

Het ontsmetten van zwembaden met chloor zorgt in Vlaanderen niet voor problemen. Dat zegt Tom Ruts, woordvoerder van federaal minister van Volksgezondheid Magda Aelvoet. Uit een studie van de Franstalige universiteit van Louvain-la-Neuve was gebleken dat chloor de weerstand van kinderen tegen luchtvervuiling vermindert. De toestand van hun longen was "vergelijkbaar met rokers die 30 jaar lang elke dag één pakje sigaretten rookten”, aldus het eindrapport.

De studie werd uitgevoerd door professor Bernard van de UCL en had als doel om de risico's van stadsluchtvervuiling voor kinderen in kaart te brengen. Voor de studie onderzocht Bernard 258 kinderen, waarvan 92 uit Brussel. De anderen woonden in de Ardennen. Het betreft dus een gering aantal kinderen, in verhouding tot deze ver reikende conclusies. De resultaten van deze studie moeten nog worden bevestigd door een tweede onderzoek. Professor Bernard onderlijnde ook nog dat er bij de kinderen geen enkele ziekte werd aangetroffen.

Volgens Ruts is er in Vlaanderen geen enkel probleem. "De normen in de Vlarem-wetgeving bieden voldoende bescherming." Die gaan onder meer over hoeveel chloor aan het water mag worden toegevoegd, hoe dat moet gebeuren, en hoe vaak per dag het water moet worden ververst. Dat moet allemaal regelmatig worden gecontroleerd via metingen. De regeling bevat ook voorschriften in verband met luchtventilatie.

Alle zwembaden in Vlaanderen moesten op 1 januari 2001 in orde zijn met de voorschriften van de Vlarem-wetgeving. Daarom werd in het afgelopen jaar elk zwembad gecontroleerd. Slechts een 30-tal zwembaden waren nog niet in orde, aldus Fabré. Mensen van de milieu- en gezondheidsinspectie gaan nu controleren of de nodige aanpassingen al doorgevoerd werden. Is dat niet het geval, worden de zwembaden gesloten.

Volgens Sylvie Fabré, de woordvoerder van Vlaams minister van Volksgezondheid Mieke Vogels, is er dan ook geen enkel gevaar voor de Vlaamse jeugd. Toch gaf ze ook toe de studie grondig na te kijken, om, indien dat nog nodig zou zijn, de Vlarem-wetgeving bij te sturen. Fabré was echter formeel: "In Vlaanderen kunnen kinderen veilig zwemmen."

Link

Reactie van Minister Aelvoet: "Tekst Interministeriële Conferentie Leefmilieu over chloor in zwembaden"
 


Dr. Sabine Van Daele, specialiste kinderlongziekten op de dienst pediatrie, UZ Gent: 'Dat astma en bronchitis bij kinderen toenemen, valt niet te ontkennen. 20% van onze jeugd heeft astmasymptomen, die weliswaar verminderen met het ouder worden. Beweren dat babyzwemmen verantwoordelijk is voor die stijging, lijkt mij nogal kras. De oorzaak is multifactorieel en heeft veel te maken met onze westerse, té hygiënische manier van leven. Kinderen komen niet meer in contact met infecties en lichaamsvreemde substanties. Daarom kunnen ze hun weerstand niet meer naar behoren opbouwen. De studie waarnaar het maandblad Parents verwijst, werd gevoerd bij 341 Brusselse kinderen in de leeftijd van acht tot twaalf jaar. 11% van hen had astma, in de groep die als baby vaak ging zwemmen, vertoonde 41 kinderen of 23% astmasymptomen. Ze hadden ook vaker last van bronchitis. Daaruit meteen concluderen dat vroegtijdig zwemmen een verhoogde prikkelbaarheid van de longen zou uitlokken, is wat voorbarig. Daar zijn grotere onderzoeken voor nodig.'

Uit: http://www.goedgevoel.be/index.php?paginaId=6&artikel=299


Achtergrond (Bron: Bureau Medische Milieukunde GGD’en Brabant en Zeeland):

In de studie van Bernard wordt een 2-5 keer zo hoge kans op astma gevonden bij kinderen die op jonge leeftijd ( < 2 jaar) vaak hebben gezwommen. De – in zijn ogen – verdachte component is trichlooramine, dat ontstaat door reactie van chloor in het zwemwater met vervuilende componenten in het water (daarin terecht gekomen door de zwemmers). De studie is becommentarieerd op analysetechnieken en onvolledige correctie voor verstorende variabelen (Armstrong, 2005), waardoor de conclusie onzeker is. Omdat uit onderzoek blijkt dat de prevalentie van astma onder duursporters verhoogd is, vooral bij zwemmers, wordt blootstelling aan chloorverbindingen vaker als causale factor gezien voor astma. Direct bewijs hiervoor ontbreekt echter (Jacobs e.a. 2006). In zwembaden kunnen ook andere factoren van invloed zijn, zoals de hoge temperatuur en de recirculatie van lucht. In een onderzoek naar het voorkomen van luchtwegklachten en astma onder zwembadmedewerkers wordt geconcludeerd dat het onwaarschijnlijk is dat de medewerkers astma ontwikkelen door blootstelling aan chloor. Wél wordt op grond van de studie aangenomen dat reeds bestaande luchtwegklachten kunnen verergeren Jacobs e.a., 2006). De invloed van zwemmen op het ontstaan van astma bij kinderen, is op grond van dit onderzoek niet aan te geven. Er bestaat dus onzekerheid over het effect[1].

Deels heeft dit ook te maken met het feit dat ook niet precies duidelijk is aan welke concentraties zwemmers worden blootgesteld. In de Belgische studie is geen precieze blootstelling bekend.

Hoe te adviseren bij onzekerheid?

De berichten in de media hebben ertoe geleid dat ouders twijfelen over het al dan niet gaan zwemmen met hun baby. De aanwijzingen dat het tot astma kan leiden zijn omstreden. Mogelijk komt er in de toekomst meer informatie beschikbaar, waarvan de vraag is op welke termijn en ook hoe onomstreden de conclusies zijn. In elk geval is duidelijk dat chlooramines de luchtwegen kunnen irriteren. Of het ontstaan van astma hier nu wel of niet mee samenhangt, het heeft voordelen om te proberen dergelijke klachten te voorkomen, zeker bij jonge kinderen. Het advies zou dus kunnen inhouden de ouders te laten letten op:

  • Hygiëne in het zwembad (als zwemmers van tevoren douchen – en niet in het bad plassen –  minder vorming chlooramines);
  • Eigen ervaring met de chloorlucht; chlooramines veroorzaken deze lucht grotendeels. Indien de ouders het erg naar chloor vinden ruiken en last hebben van prikkelende/rode ogen, is dat een aanwijzing voor hoge concentraties chlooramines.
  • Dit geldt natuurlijk ook als het kind tijdens of na het zwemmen last heeft van rode, prikkelende ogen en/of (verergering van) acute luchtwegklachten.

Referenties:

Armstrong, B. and D. Strachan (2004). "Asthma and swimming pools: statistical issues." Occup Environ Med 61(5): 475; author reply 476.

Bernard A, Carbonelle S, Michel O, Higuet S, Burbure C de, Buchet JP, Hermans C, Dumont X, Doyle I. Lung Hyperpermeability and asthma prevalence in schoolchildren: unexpected associations with the attendance at indoor chlorinated swimming pools. Occup. Environ. Med. 2003: 60; 385-394.

Bernard A; Carbonnelle S; Nickmilder M; Burbure C de. Non-invasive biomarkers of pulmonary damage and inflammation: Application to children exposed to ozone and trichloramine. Toxicol-Appl-Pharmacol. 2005 Aug 7; 206(2): 185-90

Drobnic, F. Freixa A, Casan P, Sanchis J, Guardino X. Assessment of chlorine exposure in swimmers during training. Med. en science in sports and exercise. 1996; 28:2, 271-274.

J. Jacobs, S. Spaan,  F.van Rooy, K. Meliefste, V. Zaat, J.Rooijackers, D. Heederik. Invloed van luchtkwaliteit op het voorkomen van klachten bij personeel van zwemgelegenheden. Een onderzoek in opdracht van SZW. IRAS, 2006.

Nemery, B., P. H. Hoet and D. Nowak (2002). "Indoor swimming pools, water chlorination and respiratory health." Eur Respir J 19(5): 790-3.

SZW, Brief ARBO/P&G/06 4570, 10 februari 2006.

Volkskrant 18-2-2006.


[1] Wat de interpretatie van studies ook bemoeilijkt, is het feit dat zwemmen in het algemeen voor astmatici juist een prettige bezigheid is (onder andere door de vochtige, warme lucht) en dat de hogere prevalentie van astma onder zwemmers dus kan bepalen.

Bijgewerkt: november 23, 2011